The R&A - Working for Golf
De ronde spelen
The Rules of Golf
Zie Spelerseditie
Ga naar paragraaf
5.1
5.2
a
b
5.3
a
b
5.4
a
b
5.5
a
b
c
5.6
a
b
5.7
a
b
c
d

Doel van de regel: Regel 5 beschrijft hoe een ronde gespeeld wordt – zoals waar en wanneer een speler op de baan mag oefenen voor of tijdens de ronde, wanneer een ronde begint en eindigt en wat er gebeurt wanneer het spel moet worden gestaakt of hervat. Spelers worden geacht:

  • Elke ronde op tijd te starten.
  • Elke hole zonder onderbreking en in een vlot tempo te spelen totdat de ronde is uitgespeeld.

Spelers worden aangespoord om vanaf het moment dat het hun beurt is om te spelen niet meer dan 40 seconden over een slag te doen en meestal minder.

5.1
Het begrip ronde

Een “ronde” bestaat uit 18 of minder holes die gespeeld worden in de volgorde zoals door de Commissie is vastgesteld.

Wanneer een ronde in een gelijkspel eindigt en er wordt doorgespeeld tot er een winnaar is:

  • Gelijkspel bij matchplay telkens met een hole verlengd. Dit is het vervolg van dezelfde ronde en niet een nieuwe ronde.
  • Play-off bij strokeplay. Dit is een nieuwe ronde.

Een speler is bezig met zijn ronde vanaf het moment dat deze begint tot het moment dat deze eindigt (zie Regel 5.3), behalve wanneer het spel is gestaakt volgens Regel 5.7a.

Wanneer een regel verwijst naar acties ondernomen “tijdens een ronde”, dan omvat dit niet de periode waarin het spel is gestaakt volgens Regel 5.7a, tenzij die regel iets anders voorschrijft.

5.2
Oefenen op de baan voor of tussen de rondes

Voor toepassing van deze regel geldt:

  • “Oefenen op de baan” betekent een bal slaan of het testen van het oppervlak van de green van een hole door er een bal overheen te rollen of over het oppervlak te wrijven.
  • De beperkingen op het oefenen op de baan voor of tussen de rondes gelden alleen voor de speler en niet voor de caddie van de speler.
a
Matchplay

Een speler mag op de baan oefenen vóór de ronde of tussen de rondes van een matchplaywedstrijd.

b
Strokeplay

Op de dag van een strokeplaywedstrijd:

  • Mag een speler vóór een ronde niet oefenen op de baan, behalve dat de speler putten en chippen mag oefenen op of dicht bij zijn eerste afslagplaats of op ieder oefenterrein.
  • Mag een speler oefenen op de baan nadat deze zijn laatste ronde voor die dag voltooid heeft.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 8: Voorbeeld plaatselijke regel I-1 (in beide spelvormen mag de Commissie een plaatselijke regel instellen die het oefenen op de baan vóór een ronde en tussen rondes verbiedt, beperkt of toestaat).

Straf voor overtreding van Regel 5.2:

  • Straf voor de eerste overtreding: algemene straf (toegepast op de eerste hole van de speler).
  • Straf voor de tweede overtreding: diskwalificatie.
[Clarification available:  First Breach Happens When First Stroke Made]
5.3
Een ronde beginnen en beëindigen
a
Wanneer een ronde begonnen moet worden

De ronde van een speler begint zodra hij een slag doet op zijn eerste hole (zie Regel 6.1a).

Een speler moet starten op (en niet vóór) zijn starttijd:

  • Dit betekent dat de speler klaar moet zijn om te spelen op zijn starttijd en startplaats zoals aangegeven door de Commissie.
  • De door de Commissie vastgestelde starttijd moet gezien worden als een exacte tijd (bijvoorbeeld: 9 uur betekent 9:00:00 uur en niet elke tijd tot 9:01 uur).

Als de starttijd om enige reden vertraagd is (zoals door weersomstandigheden, langzaam spel van andere groepen of als een uitspraak van een referee nodig is), dan wordt deze regel niet overtreden als de speler aanwezig is en klaar om te spelen zodra zijn groep kan starten.

Straf voor overtreding van Regel 5.3a: diskwalificatie, behalve in de volgende drie gevallen:

  • Uitzondering 1 – Speler arriveert niet meer dan vijf minuten te laat op de startplaats, klaar om te spelen: De speler krijgt de algemene straf, toegepast op zijn eerste hole.
  • Uitzondering 2 – Speler start niet meer dan vijf minuten te vroeg: De speler krijgt de algemene straf, toegepast op zijn eerste hole.
  • Uitzondering 3 – Commissie beslist dat er uitzonderlijke omstandigheden waren die de speler verhinderde op tijd te starten: Er is geen overtreding van deze regel en geen straf.
b
Wanneer een ronde eindigt

De ronde van de speler eindigt:

  • Bij matchplay, wanneer het resultaat van de match beslist is volgens Regel  3.2a(3) of (4).
  • Bij strokeplay, wanneer de speler heeft uitgeholed op de laatste hole (inclusief het herstel van een fout, zoals volgens Regel 6.1 of 14.7b).

Zie Regel 21.1e, 21.2e, 21.3e en 23.3b (wanneer een ronde begint en eindigt bij andere vormen van strokeplay en bij Four-ball).

5.4
Spelen in groepen
a
Matchplay

De speler en tegenstander moeten gedurende de ronde elke hole in dezelfde groep spelen.

b
Strokeplay

De speler moet gedurende de ronde in de groep blijven die door de Commissie is samengesteld, tenzij de Commissie vooraf of achteraf een verandering goedkeurt.

Straf voor overtreding van Regel 5.4: diskwalificatie.

5.5
Oefenen tijdens de ronde of wanneer het spel is gestaakt
a
Geen oefenslagen tijdens het spelen van een hole

Tijdens het spelen van een hole mag een speler geen oefenslagen doen met welke bal dan ook op of buiten de baan.

Dit zijn géén oefenslagen:

  • Een oefenswing, gedaan zonder de bedoeling een bal te raken.
  • Een bal terugslaan naar een oefenterrein of naar een andere speler, enkel uit oogpunt van beleefdheid.
  • Slagen gedaan om een hole uit te spelen waarvan het resultaat al vaststaat.
b
Beperkingen voor oefenslagen tussen twee holes

Tussen twee holes mag een speler géén oefenslagen doen.

Uitzondering – Waar een speler putten en chippen mag oefenen: De speler mag putten en chippen oefenen op of dicht bij:

  • De green van de hole die net is uitgespeeld en iedere oefengreen (zie Regel 13.1e).
  • De afslagplaats van de volgende hole.

Echter, zulke oefenslagen mogen niet gedaan worden vanuit een bunker en mogen het spel niet onnodig ophouden (zie Regel 5.6a).

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 8; Voorbeeld plaatselijke regel I-2 (de Commissie kan een plaatselijke regel instellen die het oefenen van putten en chippen op of dichtbij de green van de zojuist uitgespeelde hole verbiedt).

c
Oefenen terwijl het spel is onderbroken of anderszins gestaakt

Terwijl het spel is onderbroken of anderszins gestaakt volgens Regel 5.7a mag een speler géén oefenslag doen, behalve:

  • Zoals toegestaan volgens Regel 5.5b.
  • Overal buiten de baan.
  • Overal op de baan waar de Commissie dit toestaat.

Als een match in onderling overleg door de spelers is gestaakt en niet op dezelfde dag hervat zal worden, mogen de spelers zonder beperkingen oefenen op de baan voordat de match hervat wordt.

Straf voor overtreding van Regel 5.5: algemene straf.

Als de overtreding plaatsvindt tussen twee holes wordt de straf toegepast op de volgende hole.

5.6
Onnodig oponthoud; Vlot speeltempo
a
Onnodig oponthoud van het spel

Een speler mag het spel niet onnodig ophouden tijdens het spelen van een hole of tussen twee holes.

Een kort oponthoud kan worden toegestaan voor bepaalde redenen, zoals:

  • Wanneer de speler hulp wil hebben van een referee of de Commissie.
  • Wanneer een speler geblesseerd raakt of ziek wordt.
  • Wanneer er een andere goede reden is.

Straf voor overtreding van regel 5.6a:

  • Straf voor de eerste overtreding: één strafslag.
  • Straf voor de tweede overtreding: algemene straf.
  • Straf voor de derde overtreding: diskwalificatie.

Als de speler het spel onnodig ophoudt tussen twee holes dan geldt de straf op de volgende hole.

b
Vlot speeltempo

Het is de bedoeling dat een ronde golf in een vlot tempo wordt gespeeld.

Iedere speler dient zich te realiseren dat zijn speeltempo waarschijnlijk de tijd beïnvloedt die andere spelers nodig hebben om hun rondes te spelen. Dit geldt zowel voor de spelers in de eigen groep als de spelers in volgende groepen.

Spelers worden aangespoord snellere groepen door te laten.

(1) Aanbevelingen voor speeltempo. De speler behoort de ronde in een vlot tempo te spelen met inbegrip van de tijd die nodig is:

  • Voor het voorbereiden en doen van elke slag;
  • Voor verplaatsingen tussen de slagen van de ene naar de andere plaats.
  • Om naar de volgende afslagplaats te gaan na het uitspelen van een hole.

Een speler behoort zich op zijn volgende slag voor te bereiden en klaar te staan om te spelen zodra hij aan de beurt is.

Wanneer het zijn beurt is om te spelen:

  • Wordt aanbevolen dat de speler de slag doet binnen 40 seconden nadat deze zonder hinder of afleiding kan spelen (of zou kunnen spelen).
  • Kan de speler meestal sneller spelen dan dat en wordt hij aangespoord om dat ook te doen.

(2) Voor je beurt spelen om een vlot speeltempo te bevorderen. Afhankelijk van de spelvorm zijn er momenten waarop spelers in een andere volgorde mogen spelen om het speeltempo te verhogen:

  • Bij matchplay mogen de spelers afspreken dat een van hen voor zijn beurt speelt om tijd te besparen (zie Regel 6.4a).
  • Bij strokeplay mogen spelers op een veilige en verantwoordelijke wijze “ready golf” spelen (zie de uitzondering bij Regel 6.4b).

(3) Beleid voor speeltempo. Om een vlot speeltempo te stimuleren en af te dwingen kan de Commissie een plaatselijke regel invoeren waarin een beleid voor speeltempo is vastgelegd.

In dit beleid kan een maximale tijd worden vastgesteld voor een ronde, een hole of meerdere opeenvolgende holes en voor een slag en hierin kan een strafmaat worden bepaald voor een overtreding van dit beleid.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 5G (aanbevelingen voor de inhoud van beleid voor speeltempo).

5.7
Stoppen met spelen; Het spel hervatten
a
Wanneer spelers het spel mogen of moeten stoppen

Tijdens een ronde mag een speler niet stoppen met spelen, behalve in deze gevallen:

  • Onderbreking door de Commissie. Alle spelers moeten stoppen met spelen als de Commissie het spel onderbreekt (zie Regel 5.7b).
  • Stoppen met spelen in onderlinge overeenstemming bij matchplay. Spelers mogen in een match om elke reden afspreken te stoppen met spelen, behalve als daardoor de wedstrijd wordt opgehouden. Als zij afspreken het spel te staken en vervolgens wil één speler het spel hervatten dan eindigt de afspraak en moet de andere speler het spel ook hervatten.
  • Individuele speler stopt met spelen vanwege bliksem. Een speler mag stoppen met spelen als hij redelijkerwijs van mening is dat er blikseminslag dreigt, maar moet dit zo snel mogelijk melden aan de Commissie.

De baan verlaten is op zichzelf niet hetzelfde als stoppen met spelen. Oponthoud door een speler wordt beschreven in Regel 5.6a, niet in deze regel.

Als een speler stopt met spelen met een reden die niet is toegestaan volgens deze regel of nalaat dit te melden aan de Commissie terwijl dit vereist is, wordt de speler gediskwalificeerd.

b
Wat spelers moeten doen wanneer de Commissie het spel onderbreekt

Er zijn twee soorten van spelonderbreking door de Commissie, ieder met verschillende eisen voor wanneer een speler moet stoppen met spelen.

(1) Onmiddellijke onderbreking (zoals wanneer er direct gevaar dreigt). Als de Commissie een onmiddellijke spelonderbreking afkondigt, moeten alle spelers direct stoppen met spelen en verder geen slag doen totdat de Commissie het spel hervat.

De Commissie behoort een duidelijk herkenbare methode te gebruiken om de spelers te informeren over een onmiddellijke onderbreking.

(2) Normale onderbreking (zoals voor duisternis of een onbespeelbare baan). Als de Commissie het spel voor een normale reden onderbreekt, hangt het vervolg af van waar iedere groep zich bevindt:

  • Tussen twee holes. Als alle spelers in de groep zich tussen twee holes bevinden, moeten zij stoppen met spelen en mogen zij geen slag meer doen om een andere hole te beginnen totdat de Commissie het spel hervat.
  • Tijdens het spelen van een hole. Als een speler in de groep een hole is begonnen, mogen de spelers kiezen of zij stoppen met spelen of de hole uitspelen.
    • De spelers hebben kort de tijd (normaal gesproken niet meer dan twee minuten) om te besluiten of ze stoppen met spelen of de hole uitspelen.
    • Als de spelers de hole verder spelen, dan mogen zij de hele hole uitspelen of stoppen voordat de hole uitgespeeld is.
    • Zodra de spelers de hole uitgespeeld hebben of gestopt zijn voordat de hole is uitgespeeld, mogen zij geen slag meer doen totdat de Commissie het spel hervat volgens Regel 5.7c.

Als de spelers het niet eens zijn over hoe te handelen:

    • Matchplay: Als de tegenstander stopt met spelen moet de speler ook stoppen met spelen en mogen beide spelers niet verder spelen totdat de Commissie het spel hervat. Als de speler niet stopt met spelen krijgt deze de algemene straf (verlies van de hole).
    • Strokeplay: Iedere speler in de groep mag ervoor kiezen te stoppen met spelen of de hole verder te spelen, ongeacht wat de anderen in de groep besluiten te doen, behalve dat de speler slechts mag doorspelen als zijn marker blijft om de score van de speler bij te houden.

Straf voor overtreding van Regel 5.7b: diskwalificatie.

Uitzondering – Geen straf als de Commissie besluit dat het doorspelen gerechtvaardigd was: Er is géén overtreding van deze regel en géén straf als de Commissie besluit dat er omstandigheden waren die het doorspelen van de speler rechtvaardigde.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 8 ; Voorbeeld plaatselijke regel J-1 (aanbevolen methodes voor de  Commissie  om de spelers te informeren over onmiddellijke en normale onderbreking).
c
Wat spelers moeten doen wanneer het spel wordt hervat

(1) Waar het spel hervatten. Een speler moet het spel hervatten van waar hij op de hole is gestopt met spelen of, als dat tussen twee holes was, op de volgende afslagplaats, zelfs als dat op een volgende dag is.

(2) Wanneer het spel hervatten. De speler moet aanwezig zijn op de in (1) aangegeven plaats en klaar om te spelen:

  • op de door de Commissie aangegeven tijd waarop het spel hervat moet worden, en
  • de speler moet het spel hervatten op (en niet vóór) dat tijdstip.

Als de mogelijkheid het spel te hervatten om enige reden vertraagd is (zoals wanneer spelers in de voorgaande groep eerst moeten spelen en nog uit de weg moeten gaan), is er geen overtreding van deze regel als de speler aanwezig is en klaar is om te spelen zodra de groep van de speler het spel kan hervatten.

Straf voor overtreding van Regel 5.7c: diskwalificatie.

Uitzonderingen op diskwalificatie voor het niet op tijd hervatten: Uitzonderingen 1, 2 en 3 van Regel 5.3a en de uitzondering op Regel 5.7b zijn ook hier van toepassing.

d
Bal opnemen wanneer het spel wordt gestaakt; Bal terugplaatsen en vervangen wanneer het spel wordt hervat

(1) De bal opnemen wanneer het spel wordt gestaakt of voordat het spel wordt hervat. Wanneer de speler stopt met het spelen van een hole volgens deze regel, mag hij de plek van de bal markeren en de bal opnemen (zie Regel 14.1).

Zowel voor als na de hervatting van het spel:

  • Wanneer de bal van de speler is opgenomen toen het spel werd gestaakt. De speler moet de oorspronkelijke bal of een andere bal terugplaatsen op de oorspronkelijke plek (die bij benadering moet worden vastgesteld als die niet bekend is) (zie Regel 14.2).
  • Wanneer de bal van de speler niet is opgenomen toen het spel werd gestaakt. De speler mag de bal spelen zoals hij ligt of de plek van de bal markeren, de bal opnemen (zie Regel 14.1) en die bal of een andere bal terugplaatsen op de oorspronkelijke plek (zie Regel 14.2).

In beide gevallen:

  • Als de ligging van de bal is veranderd als gevolg van het opnemen van de bal, moet de speler die bal of een andere bal terugplaatsen zoals vereist in Regel 14.2d.
  • Als de ligging van de bal is veranderd nadat de bal was opgenomen en voordat de bal is teruggeplaatst, dan is Regel 14.2d niet van toepassing:
    • De oorspronkelijke bal of een andere bal moet worden teruggeplaatst op de oorspronkelijke plek (die bij benadering moet worden vastgesteld als die niet bekend is) (zie Regel 14.2).
    • Als de ligging of andere omstandigheden die de slag beïnvloeden in de tussentijd zijn verslechterd dan is Regel 8.1d van toepassing.

(2) Wat te doen als de bal of de balmarker is bewogen terwijl het spel was gestaakt. Als de bal of balmarker van de speler op enige wijze is bewogen voordat het spel hervat wordt (inclusief door natuurkrachten), moet de speler:

  • de oorspronkelijke bal of een andere bal terugplaatsen op de oorspronkelijke plek (die bij benadering moet worden vastgesteld als die niet bekend is) (zie Regel 14.2), of
  • een balmarker plaatsen om de oorspronkelijke plek te markeren en dan de oorspronkelijke bal of een andere bal op die plek terugplaatsen (zie Regel 14.1 en 14.2).

Als de omstandigheden die de slag beïnvloeden zijn verslechterd terwijl het spel was gestaakt, zie Regel 8.1d.

Straf voor het spelen van een bal van een verkeerde plaats in overtreding van Regel 5.7d: algemene straf volgens Regel 14.7a.

Wanneer meerdere regelovertredingen het gevolg zijn van een enkele handeling of van gerelateerde handelingen, zie Regel 1.3c(4).

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Green

De green is dat gedeelte van de hole die wordt gespeeld dat:

  • speciaal is geprepareerd voor het putten, of
  • door de Commissie als green is aangewezen (bijvoorbeeld wanneer een tijdelijke green in gebruik is).

Op de green bevindt zich de hole waarin de speler zijn bal probeert te slaan. De green is een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan. De greens van alle andere holes (die de speler op dat moment niet speelt) zijn verkeerde greens en onderdeel van het algemene gebied.

De grens van een green wordt bepaald door waar men kan zien dat het speciaal geprepareerde gebied begint (zoals daar waar het gras een duidelijk rand vertoont), tenzij de Commissie de grens op een andere manier afbakent (bijvoorbeeld met lijnen of stippen).

Als een dubbele green in gebruik is voor twee verschillende holes:

  • Dan wordt het gehele geprepareerde gebied dat beide holes omvat beschouwd als de green bij het spelen van elke hole.

Echter de Commissie mag een grens aangeven die de dubbele green in twee verschillende greens verdeelt, zodat wanneer een speler een van beide holes speelt, het deel van de dubbele green voor de andere hole een verkeerde green is.

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Caddie

Iemand die een speler helpt tijdens een ronde, onder andere op de volgende manier:

  • Dragen, vervoeren of verzorgen van clubs: Iemand die de clubs van de speler draagt, vervoert (zoals met een golfkar of trolley) of verzorgt tijdens het spel is de spelers caddie, zelfs als deze niet door de speler als caddie is benoemd, behalve wanneer dit wordt gedaan om de clubs, tas of golfkar van de speler uit de weg te zetten of uit beleefdheid (zoals een club halen die de speler heeft achtergelaten).
  • Advies geven: De caddie van een speler is de enige persoon (behalve een partner of partners caddie) aan wie een speler advies mag vragen.

Een caddie mag de speler ook op andere manieren helpen (zie Regel 10.3b).

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Matchplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij rechtstreeks tegen een tegenstander of tegenpartij speelt in een onderlinge wedstrijd van een of meerdere rondes:

  • Een speler of partij wint een hole in de wedstrijd door de hole in minder slagen uit te spelen (met inbegrip van gespeelde slagen en strafslagen).
  • De wedstrijd is gewonnen wanneer een speler of partij meer holes voor staat op de tegenstander of tegenpartij dan er nog te spelen zijn.

Matchplay kan worden gespeeld als een één-tegen-éénwedstrijd (waarbij één speler rechtstreeks tegen één tegenstander speelt), een Driebal-wedstrijd of een Foursomes of Four-Ball-wedstrijd tussen partijen van twee partners.

Strokeplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij het opneemt tegen alle andere spelers of partijen in de wedstrijd.

In de reguliere vorm van strokeplay (zie Regel 3.3):

  • Is de score van een speler of partij voor een ronde het totaal aantal slagen dat hij of zij nodig heeft om op iedere hole uit te holen (gespeelde slagen en opgelopen strafslagen inbegrepen).
  • Is de winnaar de speler of partij die alle rondes met in totaal het minst aantal slagen uitspeelt.

Andere vormen van strokeplay  met andere methodes om de score te bepalen zijn Stableford, Maximum Score en Par/Bogey (zie Regel 21).

Alle vormen van strokeplay  kunnen worden gespeeld in zowel individuele wedstrijden (iedere speler speelt voor zichzelf) als in wedstrijden met partijen of partners (Foursomes of Four-Ball).

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Afslagplaats

Het gebied waar de speler het spelen van een hole moet beginnen.

De afslagplaats is een rechthoekige strook, twee clublengten diep, waarvan:

  • de voorkant wordt bepaald door de lijn tussen de voorste punten van de door de Commissie geplaatste twee teemarkers, en
  • de zijkanten worden bepaald door de lijnen naar achteren van de buitenste punten van de teemarkers.

De afslagplaats is een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Alle andere afslagplaatsen op de baan (zowel op dezelfde hole als op enig andere hole) zijn deel van het algemene gebied.

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Referee

Een functionaris die door de Commissie is aangewezen om uitspraken te doen over kwesties van feitelijke aard en om de regels toe te passen.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 6C (uitleg over de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van een referee).

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Matchplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij rechtstreeks tegen een tegenstander of tegenpartij speelt in een onderlinge wedstrijd van een of meerdere rondes:

  • Een speler of partij wint een hole in de wedstrijd door de hole in minder slagen uit te spelen (met inbegrip van gespeelde slagen en strafslagen).
  • De wedstrijd is gewonnen wanneer een speler of partij meer holes voor staat op de tegenstander of tegenpartij dan er nog te spelen zijn.

Matchplay kan worden gespeeld als een één-tegen-éénwedstrijd (waarbij één speler rechtstreeks tegen één tegenstander speelt), een Driebal-wedstrijd of een Foursomes of Four-Ball-wedstrijd tussen partijen van twee partners.

Strokeplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij het opneemt tegen alle andere spelers of partijen in de wedstrijd.

In de reguliere vorm van strokeplay (zie Regel 3.3):

  • Is de score van een speler of partij voor een ronde het totaal aantal slagen dat hij of zij nodig heeft om op iedere hole uit te holen (gespeelde slagen en opgelopen strafslagen inbegrepen).
  • Is de winnaar de speler of partij die alle rondes met in totaal het minst aantal slagen uitspeelt.

Andere vormen van strokeplay  met andere methodes om de score te bepalen zijn Stableford, Maximum Score en Par/Bogey (zie Regel 21).

Alle vormen van strokeplay  kunnen worden gespeeld in zowel individuele wedstrijden (iedere speler speelt voor zichzelf) als in wedstrijden met partijen of partners (Foursomes of Four-Ball).

Uitgeholed

Wanneer een bal stilligt in de hole na een slag en de hele bal onder het oppervlak van de green ligt.

Wanneer de regels verwijzen naar "uitholen" of "hole uitspelen", betekent dat dat je bal is uitgeholed.

In het speciale geval dat de bal stilligt tegen de vlaggenstok in de hole, zie Regel 13.2c (de bal wordt als uitgeholed beschouwd, indien enig deel van de bal zich onder het oppervlak van de green bevindt).

 

Interpretation Holed/1 - All of the Ball Must Be Below the Surface to Be Holed When Embedded in Side of Hole

When a ball is embedded in the side of the hole, and all of the ball is not below the surface of the putting green, the ball is not holed. This is the case even if the ball touches the flagstick.

Interpretation Holed/2 - Ball Is Considered Holed Even Though It Is Not "At Rest"

The words "at rest" in the definition of holed are used to make it clear that if a ball falls into the hole and bounces out, it is not holed.

However, if a player removes a ball from the hole that is still moving (such as circling or bouncing in the bottom of the hole), it is considered holed despite the ball not having come to rest in the hole.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Strokeplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij het opneemt tegen alle andere spelers of partijen in de wedstrijd.

In de reguliere vorm van strokeplay (zie Regel 3.3):

  • Is de score van een speler of partij voor een ronde het totaal aantal slagen dat hij of zij nodig heeft om op iedere hole uit te holen (gespeelde slagen en opgelopen strafslagen inbegrepen).
  • Is de winnaar de speler of partij die alle rondes met in totaal het minst aantal slagen uitspeelt.

Andere vormen van strokeplay  met andere methodes om de score te bepalen zijn Stableford, Maximum Score en Par/Bogey (zie Regel 21).

Alle vormen van strokeplay  kunnen worden gespeeld in zowel individuele wedstrijden (iedere speler speelt voor zichzelf) als in wedstrijden met partijen of partners (Foursomes of Four-Ball).

Four-Ball

Een spelvorm met partijen van twee partners, waarbij iedere speler zijn of haar eigen bal speelt. De score van een partij voor een hole is de laagste score van beide partners op die hole.

Een Four-Ball kan worden gespeeld als een matchplaywedstrijd tussen twee partijen van twee partners of als een strokeplaywedstrijd tussen meerdere partijen van twee partners.

Tegenstander

De persoon tegen wie de speler speelt in een wedstrijd. Het begrip tegenstander is alleen van toepassing bij matchplay.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Afslagplaats

Het gebied waar de speler het spelen van een hole moet beginnen.

De afslagplaats is een rechthoekige strook, twee clublengten diep, waarvan:

  • de voorkant wordt bepaald door de lijn tussen de voorste punten van de door de Commissie geplaatste twee teemarkers, en
  • de zijkanten worden bepaald door de lijnen naar achteren van de buitenste punten van de teemarkers.

De afslagplaats is een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Alle andere afslagplaatsen op de baan (zowel op dezelfde hole als op enig andere hole) zijn deel van het algemene gebied.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Bunker

Een speciaal bewerkt gebied met zand dat vaak een kuil is waaruit gras of aarde is verwijderd.

Geen onderdeel van de bunker zijn:

  • De lip, muur of wand aan de rand van een bewerkt gebied bestaand uit aarde, gras, gestapelde graszoden of kunstmatig materiaal.
  • Aarde of enige levende of vastzittende begroeiing binnen de grenzen van een bewerkt gebied (zoals gras, struiken of bomen).
  • Zand dat over de grens van het bewerkte gebied heen of daarbuiten ligt.
  • Alle andere gebieden met zand op de baan die niet binnen de grenzen van een bewerkt gebied liggen (zoals woestijn en andere natuurlijke gebieden met zand of gebieden die ook wel "waste areas" worden genoemd).

Bunkers zijn een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Een Commissie mag een bewerkt gebied met zand verklaren tot onderdeel van het algemene gebied (wat betekent dat het geen bunker is) of mag een niet-bewerkt gebied met zand verklaren tot bunker.

Wanneer een bunker wordt hersteld en de Commissie de hele bunker tot grond in bewerking verklaart, wordt deze beschouwd als onderdeel van het algemene gebied (wat betekent dat het geen bunker is).

Het woord "zand", zoals gebruikt in deze definitie en Regel 12 omvat elk materiaal vergelijkbaar met zand dat is gebruikt als bunkermateriaal (zoals gemalen schelpen) en ook elk soort grond dat is vermengd met zand.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Green

De green is dat gedeelte van de hole die wordt gespeeld dat:

  • speciaal is geprepareerd voor het putten, of
  • door de Commissie als green is aangewezen (bijvoorbeeld wanneer een tijdelijke green in gebruik is).

Op de green bevindt zich de hole waarin de speler zijn bal probeert te slaan. De green is een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan. De greens van alle andere holes (die de speler op dat moment niet speelt) zijn verkeerde greens en onderdeel van het algemene gebied.

De grens van een green wordt bepaald door waar men kan zien dat het speciaal geprepareerde gebied begint (zoals daar waar het gras een duidelijk rand vertoont), tenzij de Commissie de grens op een andere manier afbakent (bijvoorbeeld met lijnen of stippen).

Als een dubbele green in gebruik is voor twee verschillende holes:

  • Dan wordt het gehele geprepareerde gebied dat beide holes omvat beschouwd als de green bij het spelen van elke hole.

Echter de Commissie mag een grens aangeven die de dubbele green in twee verschillende greens verdeelt, zodat wanneer een speler een van beide holes speelt, het deel van de dubbele green voor de andere hole een verkeerde green is.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Referee

Een functionaris die door de Commissie is aangewezen om uitspraken te doen over kwesties van feitelijke aard en om de regels toe te passen.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 6C (uitleg over de verantwoordelijkheden en bevoegdheden van een referee).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Afslagplaats

Het gebied waar de speler het spelen van een hole moet beginnen.

De afslagplaats is een rechthoekige strook, twee clublengten diep, waarvan:

  • de voorkant wordt bepaald door de lijn tussen de voorste punten van de door de Commissie geplaatste twee teemarkers, en
  • de zijkanten worden bepaald door de lijnen naar achteren van de buitenste punten van de teemarkers.

De afslagplaats is een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Alle andere afslagplaatsen op de baan (zowel op dezelfde hole als op enig andere hole) zijn deel van het algemene gebied.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Matchplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij rechtstreeks tegen een tegenstander of tegenpartij speelt in een onderlinge wedstrijd van een of meerdere rondes:

  • Een speler of partij wint een hole in de wedstrijd door de hole in minder slagen uit te spelen (met inbegrip van gespeelde slagen en strafslagen).
  • De wedstrijd is gewonnen wanneer een speler of partij meer holes voor staat op de tegenstander of tegenpartij dan er nog te spelen zijn.

Matchplay kan worden gespeeld als een één-tegen-éénwedstrijd (waarbij één speler rechtstreeks tegen één tegenstander speelt), een Driebal-wedstrijd of een Foursomes of Four-Ball-wedstrijd tussen partijen van twee partners.

Strokeplay

Een spelvorm waarbij een speler of partij het opneemt tegen alle andere spelers of partijen in de wedstrijd.

In de reguliere vorm van strokeplay (zie Regel 3.3):

  • Is de score van een speler of partij voor een ronde het totaal aantal slagen dat hij of zij nodig heeft om op iedere hole uit te holen (gespeelde slagen en opgelopen strafslagen inbegrepen).
  • Is de winnaar de speler of partij die alle rondes met in totaal het minst aantal slagen uitspeelt.

Andere vormen van strokeplay  met andere methodes om de score te bepalen zijn Stableford, Maximum Score en Par/Bogey (zie Regel 21).

Alle vormen van strokeplay  kunnen worden gespeeld in zowel individuele wedstrijden (iedere speler speelt voor zichzelf) als in wedstrijden met partijen of partners (Foursomes of Four-Ball).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Ronde

18 holes of minder, gespeeld in de volgorde zoals bepaald door de Commissie.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Baan

Het hele speelgebied binnen de door de Commissie gestelde grenzen van de baan:

  • Alle gebieden binnen de grenzen van de baan zijn binnen de baan en onderdeel van de baan.
  • Alle gebieden buiten de grenzen van de baan zijn buiten de baan (out-of-bounds) en geen onderdeel van de baan.
  • Deze grens loopt loodrecht omhoog en omlaag.

De baan bestaat uit vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Slag

De voorwaartse beweging van de club om de bal te slaan.

Echter er is geen slag gedaan als de speler:

  • Tijdens de neerzwaai bewust besluit om de bal niet te slaan en dit ook voorkomt door de kop van de club tegen te houden voordat deze bij de bal komt of, als dit niet lukt, in ieder geval opzettelijk de bal mist.
  • Per ongeluk de bal raakt bij het maken van een oefenswing of in de voorbereiding om een slag te doen.

Wanneer er in de regels wordt gesproken over "het spelen van een bal", dan betekent dit hetzelfde als het doen van een slag.

De score van een speler voor een hole of een ronde wordt met ‘slagen’ of ‘aantal slagen’ aangegeven, wat zowel het aantal gespeelde slagen als de opgelopen strafslagen omvat (zie Regel 3.1c).

 

Interpretation Stroke/1 - Determining If a Stroke Was Made

If a player starts the downswing with a club intending to strike the ball, his or her action counts as a stroke when:

  • The clubhead is deflected or stopped by an outside influence (such as the branch of a tree) whether or not the ball is struck.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, whether or not the ball is struck with the shaft.
  • The clubhead separates from the shaft during the downswing and the player continues the downswing with the shaft alone, with the clubhead falling and striking the ball.

The player's action does not count as a stroke in each of following situations:

  • During the downswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player stops the downswing short of the ball, but the clubhead falls and strikes and moves the ball.
  • During the backswing, a player's clubhead separates from the shaft. The player completes the downswing with the shaft but does not strike the ball.
  • A ball is lodged in a tree branch beyond the reach of a club. If the player moves the ball by striking a lower part of the branch instead of the ball, Rule 9.4 (Ball Lifted or Moved by Player) applies.
Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Tegenstander

De persoon tegen wie de speler speelt in een wedstrijd. Het begrip tegenstander is alleen van toepassing bij matchplay.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.

Marker

Bij strokeplay: degene die verantwoordelijk is voor het noteren van de spelers score op de scorekaart en voor het goedkeuren van die scorekaart. De marker kan een andere speler zijn, maar niet een partner.

De Commissie kan bepalen wie de spelers marker is of de spelers vertellen hoe zij een marker kunnen kiezen.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Afslagplaats

Het gebied waar de speler het spelen van een hole moet beginnen.

De afslagplaats is een rechthoekige strook, twee clublengten diep, waarvan:

  • de voorkant wordt bepaald door de lijn tussen de voorste punten van de door de Commissie geplaatste twee teemarkers, en
  • de zijkanten worden bepaald door de lijnen naar achteren van de buitenste punten van de teemarkers.

De afslagplaats is een van de vijf gedefinieerde gebieden van de baan.

Alle andere afslagplaatsen op de baan (zowel op dezelfde hole als op enig andere hole) zijn deel van het algemene gebied.

Commissie

De persoon of groep verantwoordelijk voor de wedstrijd of de baan.

Zie Commissie Procedures, Hoofdstuk 1 (uitleg van de rol van de Commissie).

Markeren

De plek aangeven waar een bal stilligt door:

  • een balmarker neer te leggen direct achter of direct naast de bal, of
  • een club op de grond te zetten direct achter of direct naast de bal.

Dit wordt gedaan om de plek aan te geven waar de bal moet worden teruggeplaatst nadat hij is opgenomen.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Markeren

De plek aangeven waar een bal stilligt door:

  • een balmarker neer te leggen direct achter of direct naast de bal, of
  • een club op de grond te zetten direct achter of direct naast de bal.

Dit wordt gedaan om de plek aan te geven waar de bal moet worden teruggeplaatst nadat hij is opgenomen.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Ligging

De plek waar de bal stilligt en enige levende of vastzittende begroeiing, vast obstakel, integraal deel van de baan, of out-of-bounds markering die de bal raakt of zich er direct naast bevindt.

Losse natuurlijke voorwerpen en losse obstakels maken geen deel uit van de ligging van een bal.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Ligging

De plek waar de bal stilligt en enige levende of vastzittende begroeiing, vast obstakel, integraal deel van de baan, of out-of-bounds markering die de bal raakt of zich er direct naast bevindt.

Losse natuurlijke voorwerpen en losse obstakels maken geen deel uit van de ligging van een bal.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Ligging

De plek waar de bal stilligt en enige levende of vastzittende begroeiing, vast obstakel, integraal deel van de baan, of out-of-bounds markering die de bal raakt of zich er direct naast bevindt.

Losse natuurlijke voorwerpen en losse obstakels maken geen deel uit van de ligging van een bal.

Omstandigheden die de slag beïnvloeden

De ligging van de stilliggende bal van de speler, de ruimte voor de voorgenomen stand of swing, de speellijn en de dropzone waar de speler gaat droppen of plaatsen.

  • De ruimte voor de voorgenomen stand is zowel waar de speler zijn of haar voeten gaat neerzetten als de gehele ruimte die redelijkerwijs kan beïnvloeden hoe en waar de speler kan staan bij het voorbereiden en doen van de voorgenomen slag.
  • De ruimte voor de voorgenomen swing omvat de hele ruimte die redelijkerwijs enig deel van de backswing kan beïnvloeden of de downswing of het vervolg van de swing voor het doen van de slag.
  • Elk van de begrippen "ligging", "speellijn" en "dropzone" heeft een eigen definitie.
Balmarker

Een kunstmatig voorwerp dat gebruikt wordt om de plek van de bal te markeren, zoals een tee, een muntje, een voorwerp dat als balmarker is gemaakt of een ander klein uitrustingsstuk.

Wanneer de Regels verwijzen naar een bewogen balmarker, wordt een balmarker bedoeld die op de baan is geplaatste om de plek van een opgenomen en nog niet teruggeplaatste bal te markeren.

Natuurkrachten

De invloeden van de natuur zoals wind, water of wanneer iets zonder duidelijke reden gebeurt onder invloed van de zwaartekracht.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Balmarker

Een kunstmatig voorwerp dat gebruikt wordt om de plek van de bal te markeren, zoals een tee, een muntje, een voorwerp dat als balmarker is gemaakt of een ander klein uitrustingsstuk.

Wanneer de Regels verwijzen naar een bewogen balmarker, wordt een balmarker bedoeld die op de baan is geplaatste om de plek van een opgenomen en nog niet teruggeplaatste bal te markeren.

Markeren

De plek aangeven waar een bal stilligt door:

  • een balmarker neer te leggen direct achter of direct naast de bal, of
  • een club op de grond te zetten direct achter of direct naast de bal.

Dit wordt gedaan om de plek aan te geven waar de bal moet worden teruggeplaatst nadat hij is opgenomen.

Terugplaatsen

Het plaatsen van een bal door deze neer te leggen en los te laten met de bedoeling de bal in het spel te brengen.

Als een speler een bal neerlegt zonder de bedoeling deze in het spel te brengen, is de bal niet teruggeplaatst en is deze niet in het spel (zie Regel 14.4).

Wanneer een regel vereist dat een bal wordt teruggeplaatst, dan bepaalt deze regel de specifieke plek waar de bal moet worden teruggeplaatst.

 

Interpretation Replace/1 - Ball May Not Be Replaced with a Club

For a ball to be replaced in a right way, it must be set down and let go. This means the player must use his or her hand to put the ball back in play on the spot it was lifted or moved from.

For example, if a player lifts his or her ball from the putting green and sets it aside, the player must not replace the ball by rolling it to the required spot with a club. If he or she does so, the ball is not replaced in the right way and the player gets one penalty stroke under Rule 14.2b(2) (How Ball Must Be Replaced) if the mistake is not corrected before the stroke is made.

Omstandigheden die de slag beïnvloeden

De ligging van de stilliggende bal van de speler, de ruimte voor de voorgenomen stand of swing, de speellijn en de dropzone waar de speler gaat droppen of plaatsen.

  • De ruimte voor de voorgenomen stand is zowel waar de speler zijn of haar voeten gaat neerzetten als de gehele ruimte die redelijkerwijs kan beïnvloeden hoe en waar de speler kan staan bij het voorbereiden en doen van de voorgenomen slag.
  • De ruimte voor de voorgenomen swing omvat de hele ruimte die redelijkerwijs enig deel van de backswing kan beïnvloeden of de downswing of het vervolg van de swing voor het doen van de slag.
  • Elk van de begrippen "ligging", "speellijn" en "dropzone" heeft een eigen definitie.
Verkeerde plaats

Iedere andere plaats op de baan dan waar de speler volgens de regels zijn of haar bal moet of mag spelen.

Voorbeelden van het spelen van een verkeerde plaats zijn:

  • Het spelen van een bal na het terugplaatsen op de verkeerde plek of zonder deze terug te plaatsen als de regels dat vereisen.
  • Het spelen van een gedropte bal buiten de vereiste dropzone.
  • Het volgens een verkeerde regel zodanig ontwijken van een belemmering dat de bal is gedropt op en gespeeld van een plaats die niet is toegestaan volgens de regels.
  • Het spelen van een bal uit een verboden speelzone of vanaf een plek waar een verboden speelzone een belemmering vormt voor de stand van de speler of voor de ruimte van zijn voorgenomen swing.

Het spelen van een bal van buiten de afslagplaats bij het beginnen van een hole of bij het herstellen van deze vergissing is niet spelen van de verkeerde plaats (zie Regel 6.1b).

Algemene straf.

Verlies van de hole bij matchplay of twee strafslagen bij strokeplay.